28 januari 2018

Gemeente van Jezus Christus,

Mozes is de berg op geweest en is met God geweest.
De belangrijkste geboden zijn op stenen platen gebeiteld,
maar Mozes heeft nog meer te zeggen namens God.
In een lange bergrede legt hij het volk uit welke wetten
en regels belangrijk zijn.

En het volk luistert, er is behoefte aan leiding.
Aan iemand die hen de juiste weg wijst.

Je moet er maar op vertrouwen, op die Mozes,
met al die nieuwe regels,
wie zegt dat hij daar niet namens zichzelf staat te praten.

Maar Mozes vertrouwen ze.
En terecht misschien, zeker als we ons herinneren dat Mozes
in eerste instantie helemaal niet voor deze taak,
van leider, van wegwijzer, had gesolliciteerd.

Sterker nog, in eerste instantie wilde hij er helemaal
niks van weten. "Nee, oh nee, alsjeblieft,
kan niet iemand anders dit doen?" waren zijn eerste woorden
in het begin.
Dus om zichzelf te verrijken zal hij er niet hebben gestaan.

Maar wat nu, wat nu als mozes doodgaat?
Welke mensen, welke profeten, moest het volk dan volgen?
Mozes weet de mensen gerust te stellen:
"God heeft gezegd dat hij altijd profeten zal doen opstaan,
zoals ik," zegt Mozes. "God zal hen de woorden ingeven.
Wie niet luisteren wil naar deze profeten,
die zal God ter verantwoording roepen."

Het lijkt een geruststelling,
maar misschien ook wel een recept voor kleine en grote rampen.
Er zijn immers genoeg mensen
geweest in de loop der tijd die in naam van God
meer goed dan kwaad hebben gedaan.
Mensen die hebben geclaimd
namens God te spreken, en andere mensen regels
hebben opgedragen.
En wie niet wilde luisteren, werd ter verantwoording
geroepen.
"Ik spreek namens God, God wil het zo,
wat heb jij er tegenin te brengen".
Een gevaarlijk iets.

Hoe weet je of iemand écht te vertrouwen is?

We zijn wel geen volk dat letterlijk 40 jaar
in de woestijn rond moet zwerven,
maar soms kunnen ook wij ons in ons eigen leven
afvragen: welke weg is de juiste weg,
welk spoor moeten we volgen,
wie weet de juiste woorden, en wie spreekt
met de goede intenties, met Gods intenties,
waar en wat is die weg van God?

Er zijn zo veel stemmen in ons leven,
stemmen vanuit de politiek. Stemmen
vanuit de media. Onheilsprofeten van nu.
Allemaal met hun eigen invloed.

Waar lopen wíj eigenlijk allemaal bewust of onderwust achteraan?

In het dorp Kafarnaum neemt een gewone sjabbat
een bijzondere wending op het moment dat Jezus de synagoge bezoekt
en er het woord neemt.
De mensen zijn onder de indruk.
Er is iets met deze man, iets in zijn woorden
of in de manier waarop hij dingen zegt, doet hen anders dan anders
luisteren.
Het voelt niet zozeer als een uitleg, zoals bij de andere schriftgeleerden
die preken, maar er gebeurt echt iets.
Jezus spreekt met gezag, zeggen de mensen tegen elkaar,
een gezag zoals de oude profeten, die niet over maar námens
God spraken.
De mensen zijn nog niet van deze eerste verbazing
bekomen wanneer Jezus het woord in daden ombuigt
en een man geneest, bezeten – zo staat het in het marcus evangelie- door een onreine geest.

Het evangelie van Marcus begint met een aantal
van dit soort wonderlijke genezingen en demoonuitdrijvingen,
die Jezus doet terwijl hij rondreist
in het gebied van Galilea.
Daarmee trekt hij de aandacht, mensen vragen zich af wie hij is,
en tegelijkertijd wil Jezus nog niet
in die volle aandacht staan.
"Bazuin het nou niet overal rond," zegt Jezus een aantal keer,
na een genezing.

Even terug naar Mozes.
Eén keer gaat het mis. In een ander woestijnverhaal
dat in het boek Numeri terecht is gekomen hebben de mensen dorst,
ze beginnen te morren,
en te mopperen op hun leider. We willen water!
Mozes krijgt het benauwd, het volk hijgt in zijn nek.
Op aanraden van God neemt hij het volk mee naar een rots.
Maar daar gekomen laat hij het volk weten:
willen jullie water, hier, ík geef jullie water.
Waarbij hij het belangrijkste vergeet, het zijn niet zijn
eigen krachten die het water laten stromen.
Het komt Mozes duur te staan. Hij zal het beloofde land
nooit binnengaan.

Een kenmerk van betrouwbaarheid van een goede leider
is dat het niet om de leider zelf gaat.
De leider is een verwijzer,
een kanaal voor iets groters dan hem of haarzelf.
Een goede leider zorgt dat de ogen, die op hem of haar
gericht zijn, verder gaan kijken,
dieper dan de persoon zelf,
en in dat grotere perspectief kunnen gaan zien.

In Kafarnaum legt Jezus de oude teksten uit.
Het zijn de teksten die wij ook lezen,
de teksten van de Tenach, wat wij het oude testament noemen,
de verhalen over Mozes, over de profeten, over het volk
in de woestijn en nog veel meer andere verhalen.
Maar het is meer dan een uitleg.
Wanneer Jezus spreekt openen de woorden
een nieuwe weg, alsof ze voor het eerst klinken.
Alsof God zelf even aanwezig is.
Een weg die uitloopt in een genezing.

Het zijn waardevolle aanwijzingen voor de vraag
naar de weg die wíj zoeken.
Een betrouwbare leider staat er niet om zichzelf,
maar is een doorgeefvenster,
een zicht op God, een verwijzer, zoals de zoon verwijst
naar de vader.
De weg die we mogen volgen is uiteindelijk een weg van genezing,
en daarmee bedoel ik:
Dat we heel worden.
Worden als onszelf
beeld van God.

Er zijn veel dingen die veranderd zijn sinds de tijd van Jezus,
er zijn veel dingen die verder van ons afstaan,
zo noemen wij onreine geesten niet meer demonen,
maar psychisch lijden.

Maar er zijn ook veel dingen hetzelfde gebleven,
nog steeds kan het donker in ons leven hetzelfde voelen,
het zoeken kan hetzelfde zijn,
onze pijn en verdriet hetzelfde.
Onze harten en leven leggen we soms nog steeds in
verkeerde handen, bij verkeerde leiders,
die ons gouden kalveren beloven.

We zoeken nog steeds.
En vandaag vinden we, een stukje.
Vandaag vinden we woorden over
Jezus.
We richten onze ogen op hem,
die ons niet alleen vertellen óver God,
maar het ook voorleeft,
en die ons verder brengt dan ons eigen zicht,
die een open weg zelf naar God toe is.
We mogen een groter perspectief zien,
zicht krijgen op die weg,
totdat wij zelf gaan zien en heel worden.

Amen